Het staat op bijna elk etiket van een wijnfles, maar wat zijn die tannines in wijn nu juist? Ze komen vooral terug in rode wijn, maar de functie ervan is velen onbekend. Wij zoeken het uit en vertellen je hieronder wat de tannine in wijn juist inhoudt.

Wat zijn tannines?

Tannine is een chemische bouwsteen die je in zowel witte als rode wijn terugvindt en die mee de kleur, smaak en structuur van de wijn bepaalt. Het woord is afkomstig van het Latijnse ‘tannare’ dat ‘looien’ betekent, waardoor het ook wel eens de naam ‘looizuur’ meekrijgt. Je vindt ze echter niet enkel terug in wijnen, maar ook in hout, thee of avocado zit tannine.

De aanwezigheid van tannine in wijn zorgt ervoor dat die langer houdbaar blijft. Op die manier wordt de groei van bacteriën afgeremd en wordt de wijn geleidelijk rijp.

Hoe komen ze in de wijn terecht?

Tannines bevinden zich vooral in de schil, in de pitten en in de steeltjes van de druiven. Maar dat kan sterk verschillen van druif tot druif. Er zijn bepaalde druivenrassen die veel tannines bevatten, zoals Cabernet Sauvignon, Syrah, Tannat en Nebbiolo. Hoe langer de gisting, hoe meer tannine vrijkomt. Ook de kracht van het persen heeft een invloed: hoe steviger er geperst wordt, hoe meer tannines er vrijkomen uit de druivenpitten. De duurtijd van het meegisten van de schillen, pitten en steeltjes bepaalt mee de kleur van de wijn. Verder is de duurtijd van het rijpen in houten vaten ook van belang voor de aanwezigheid van tannine.

Hoe proef je tannine?

Zelf kan je de hoeveelheid van tannines proeven in de afdronk: hoe langer de nasmaak, hoe meer tannine er aanwezig is. Het is een soort ‘stroef’, droog gevoel dat je proeft. Dat is vaker het geval bij rode wijn want die wordt op een andere manier geproduceerd. Bij witte wijn komen de pitten, druivenschillen en druivensteeltjes niet in contact met het sap van de druiven, wat bij de productie van rode wijn wel het geval is. Witte wijn is bijgevolg ook minder lang houdbaar dan rode wijn.